Samenhang en trekkracht van de menselijke LASIK wond met onderzoek naar weefselstuctuur, ultrastructuur en de klinische gevolgen.
Schmack I, Dawson DG, McCarey BE, Waring GO 3rd, Grossniklaus HE, Edelhauser HF. Emory Eye Center, Emory University School of Medicine, Atlanta, GA 30322, USA.
Doel
Het meten van de samenhang- en trekkracht van de menselijke LASIK wond van het menselijke hoornvlies
Methode
25 menselijke hoornvliezen van 13 donoren van de oogbank welke LASIK hadden ondergaan werden in 4 mm brede reepjes gesneden en ontleed om zo de wond bloot te leggen. Met behulp van een gemotoriseerd trekappraat werd de benodigde kracht om de wond te scheiden vastgelegd. Intacte en gescheiden monsters werden bewerkt voor licht- en elektronenmicroscopie. 5 normale menselijke hoornvliezen van donoren van de oogbank dienden als controlegroep. Een retrospectieve (terugkijkende) studie werd gedaan op 144 ogen die LASIK flap-lift herbehandelingen hadden ondergaan, welke gebruikt werd voor de klinische samenhang.
Resultaten
De gemiddelde trekkracht van het centrale en paracentrale deel van de LASIK wond liet minimale veranderingen zien in de periode na operatie. Er werd een gemiddelde rest van de hechtkracht van nog slechts 2,4% (0,72 /0,33 gram/mm) van de controlegroep (30,06 /2,93 gram/mm) gemeten.
Het hoornvlies behoudt centraal maar 2.4% van de oorspronkelijk hechtkracht na een LASIK.
De trekkracht van de LASIK wondrand nam geleidelijk aan toe na de operatie, met maximumwaarden na 3,5 jaar. Er werd een gemiddelde rest hechtkracht van 28,1% (8,46 / 4,56 gram/mm) van de controlegroep gevonden. De LASIK wondranden behouden 28,1% van hun oorspronkelijk hechtkracht.
Weefsel en ultrastructurele studies lieten zien dat het scheidingsvlak zich altijd in de lamellaire wond bevond, welke bestond uit: Een primitief litteken met weinig cellen in het centrale deel van de LASIK flap. Een litteken met veel cellen en bindweefsel op de wondrand, paracentraal, de rand van de LASIK wondrand Celonderzoek toonde aan dat de sterkste wondrand littekens geen celingroei van oppervlakte cellen hadden, de sterkste littekens waren breder en meer aan de rand gelokaliseerd. Dit in contrast met de zwakste wondranden, die wel celingroei van oppervlaktecellen hadden.
De klinische series lieten de mogelijkheid zien om LASIK flaps te liften zonder complicaties tijdens de herbehandeling tot 8,4 jaar na de oorspronkelijk operatie. Dit komt goed overeenkomt met de laboratorium resultaten. 0
Conclusie
Het menselijke hoornvlies weefsel geneest na LASIK op beperkte en incomplete wijze. Dit resulteert in een zwak, centraal en paracentraal primitief litteken met weinig cellen welk gemiddeld 2,4% van de hechtsterkte heeft van een normaal hoornvlies.
De wondrand van de LASIK flap geneest beter. Er onstaat een litteken met veel cellen en bindweefsel op de wondrand van de LASIK flap met 28,1% van de hechtsterkte van een normaal hoornvlies.
Bron artikel: Journal of Refractive Surgery. 2005 Sep-Oct; 21(5): 433-45
Nederlandse vertaling door : Oogheelkundig Medisch Centrum Amsterdam (OMCA)
Op het Ooglasertrefpunt forum kunt u ook de reactie van Dr. Colla lezen over de kracht van een lasik flap.
< Terug naar vorige pagina